VvE niet in het ‘rijkenregister’

Geplaatst door Michiel Simons (michiel) op 10-04-2019
NIEUWS >> ALGEMEEN (overal)

VvE’s hoeven zich niet te laten registreren in het nieuwe ‘UBO-register’. Dat register van ‘uiteindelijk belanghebbenden’ (in het Engels ‘Ultimate Beneficial Owners’) heeft al de bijnaam ‘rijkenregister’ gekregen. Voor (met name heel kleine) VvE’s is het een goede zaak dat zij hun activiteiten niet hoeven te registreren: vertrouwelijke informatie wordt nu niet openbaar.

Anti-witwasrichtlijn

Op 26 juni jl. is de Vierde Europese Anti-witwasrichtlijn in werking getreden. De richtlijn verplicht Nederland om een zgn. UBO-register in te stellen, een register van ‘uiteindelijk belanghebbenden’. In de publiciteit wordt ten onrechte gesuggereerd dat dit een ‘rijkenregister’ zou zijn. In werkelijkheid komen alle belanghebbenden bij rechtspersonen in dit register, ook als ze niet rijk zijn.

Nederland moet de nieuwe regels nog in de wet vastleggen. Volgens de huidige Nederlandse plannen wordt het UBO-register openbaar toegankelijk en wordt het bijgehouden door de Kamer van Koophandel. Alle uiteindelijk belanghebbenden komen in het register als hun belang in bijvoorbeeld een vennootschap 25 procent of meer is. Dat zouden appartementseigenaren kunnen zijn, maar ook bestuurders.

VvE Belang vindt het een goede zaak dat VvE’s niet vallen onder de registratieplicht. Immers: de gegevens van alle appartementseigenaren zijn bij het kadaster geregistreerd en de bestuurders van VvE’s zijn veelal bekend via het handelsregister. Verder is onaannemelijk dat VvE’s een hoog risico zijn op het gebied van financieel-economische criminaliteit, die de Anti-witwasrichtlijn beoogt te bestrijden.

Memorie van toelichting

In de memorie van toelichting op de nieuwe wet staat:

“De registratieverplichting is niet van toepassing op alle typen organisaties die zich in het handelsregister moeten inschrijven. Een beperkte groep van organisaties is uitgesloten. Allereerst vallen eenmanszaken en publiekrechtelijke rechtspersonen buiten de reikwijdte van de begrippen vennootschappen en andere juridische entiteiten in artikel 30 van de richtlijn. De verplichting tot het registreren van UBO-informatie in het handelsregister is daarmee niet van toepassing. [1] Eenmanszaken vallen namelijk naar hun aard niet onder de verplichtingen van de richtlijn. Bij publiekrechtelijke rechtspersonen is de eigenaars- en zeggenschapsstructuur reeds genoegzaam bekend en bestaat er daarmee ook geen noodzaak tot registratie.

Daarnaast geldt de verplichting tot de registratie van UBO-informatie niet voor verenigingen zonder volledige rechtsbevoegdheid die geen onderneming drijven (artikel 6, tweede lid, van de Handelsregisterwet 2007). Voor dit type vereniging is de inschrijving in het handelsregister facultatief. Deze vereniging drijft geen onderneming en heeft beperkte rechtsbevoegdheid, zo kan zij geen registergoederen verwerven. Gezien het facultatieve karakter van inschrijving en het feit dat er op dit moment reden is om aan te nemen dat bij verenigingen zonder volledige rechtsbevoegdheid die geen onderneming drijven een laag risico op witwassen of financieren van terrorisme bestaat, zijn zij uitgesloten van registratie van de UBO’s. Daarnaast worden verenigingen van eigenaars en enkele typen historische rechtspersonen, die in de Handelsregisterwet 2007 onder de noemer ‘overige privaatrechtelijke rechtspersonen’ [2] vallen, uitgesloten van de registratieplicht. Verenigingen van eigenaars sluiten niet goed aan bij de werkingssfeer van de richtlijn. De vereniging van eigenaars kent een wettelijke regeling op basis waarvan alle eigenaren met een appartementsrecht automatisch lid zijn en de vereniging enkel tot doel heeft onderhoud van het onroerend goed. Voor de overige privaatrechtelijke rechtspersonen geldt dat dit een zeer beperkt aantal entiteiten betreft met een historisch karakter. Hier worden ook geen nieuwe entiteiten meer van opgericht. Er is reden om aan te nemen dat bij deze juridische entiteiten een laag risico op witwassen of financieren van terrorisme bestaat.”

 

[1] Met betrekking tot eenmanszaken en publiekrechtelijke rechtspersonen geldt evenmin de verplichting UBO-informatie in te winnen en bij te houden, nu zij niet zijn opgenomen in de definitie van artikel 10a, tweede lid, van de Wwft. Zie hiervoor paragraaf 3.2.3.

[2] Het gaat onder meer om hofjes, boermarken, fundaties en gilden. Op 1 mei 2018 stonden 87 overige privaatrechtelijke rechtspersonen ingeschreven in het handelsregister.

Terug